‘Loonspanning neemt ook in België toe’

De nieuwe battle for talent drijft de loonspanning in Silicon Valley op. Want zelfs al kiezen niet alle ingenieurs per se voor een vorstelijk loon of een stevig pak aandelen, toch verscherpen de verschillen tussen topingenieurs en anderen in dezelfde sector. Een evolutie die ook in ons land te merken is. Zij het een stuk schoorvoetender.

Ingenieurs, it’ers en technisch geschoold personeel: ze staan bij ons al jaren bovenaan het lijstje met knelpuntberoepen. Tel daarbij het gegeven dat het aantal vacatures de voorbije maanden toenam – de VDAB ontving in het voorjaar het hoogste aantal vacatures in vijf jaar tijd en telde eind juli 60.000 vacatures -  samen met het feit dat die stijging het grootst was bij hoogopgeleiden, en het plaatje is duidelijk: ook bij ons is de battle for talent terug. Uit onderzoek van Securex bleek dat vooral jongeren en hoogopgeleiden de voorbije maanden sneller uitkeken naar een andere job. Zij zien in een aantrekkende economie een kans om hun positie te verzilveren.

Vraag is alleen: in hoeverre vertaalt die situatie zich bij ons ook in hogere lonen voor sommige profielen, en dan in de eerste plaats ingenieurs en informatici. Uit een eerste analyse van een loononderzoek voor ingenieurs dat Hudson half oktober publiceert blijkt alvast dat de lonen van startende ingenieurs stijgen, terwijl de lonen voor starters op de Belgische markt dalen. “Het is voorlopig nog moeilijk in te schatten in hoeverre bedrijven effectief geld in de weegschaal gooien om toppers aan te trekken, maar het is wel duidelijk dat er sinds de crisis van 2008 al terug heel wat veranderd is. Werknemers vragen meer om een loonsverhoging”, zegt Wies Pairoux, senior consultant reward bij hr-dienstengroep Acerta. “Dat is op zich al een aanwijzing dat de lonen zullen stijgen, zeker voor profielen die zeer gegeerd zijn. Daar zal onvermijdelijk de wet van vraag en aanbod spelen, zeker voor toppers.”

Toch zit de loonspanning in ons land traditioneel een stuk lager dan in de meeste andere landen. In Europa zitten alleen in Italië, Zweden, Finland en Noorwegen lager, en tegenover de VS is het verschil al helemaal groot. Uit de meest recente gegevens van OESO bleek dat de spanning tussen de hoogste en laagste bruto maandlonen bij ons rond factor 3 schommelt. Binnen een bedrijf is dat gemiddeld 5 (kleine onderneming) of 6,7 (grote onderneming), zo toont een studie van Acerta Consulting en VKW Metena.

“De VS heeft een loonspanning die we in België nooit zullen hebben”, meent Pairoux. “Maar dat kan veranderen. Want de battle for talent speelt zich – ook vandaag - steeds meer in een internationale context af. En dat zal ervoor zorgen dat de loonspanning ook in België toeneemt. Dat zal zich in twee richtingen afspelen: de toplonen stijgen en de laagste lonen staan onder druk, door delokalisatie. Momenteel valt dat nog mee, maar naarmate de schaarste op de arbeidsmarkt prangender wordt, zal dat zich doorzetten.”

Carol Spillebeen, reward manager bij Hudson: “De vraag is of veel bedrijven nu wel ruimte hebben voor substantiële loonsverhogingen, gezien de economische situatie. In vergelijking met de vorige war for talent verleiden bedrijven mensen meer met opleidingen, nieuwe iPad, betere werkomgeving, flexibelere werkomstandigheden, … . Ze gaan creatiever om met budgetten en werknemers. Zeker nu er opnieuw crisis dreigt.”

Terug naar het hoofdartikel 'Wereldwijde jacht op talent blijft open'