Foutmelding

  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.
  • There are no workflow states available. Please notify your site administrator.

”Liever eigen werknemers promoveren dan hoogvliegers rekruteren”

Japanse producten worden massaal geëxporteerd naar alle uithoeken van de wereld. Daarom klinkt het enigszins paradoxaal dat de archipel eerder in zichzelf gekeerd is: een uiterst strenge immigratiewetgeving, zo weinig mogelijk gebruik van het Engels, ...

Exportgerichte ondernemingen zwoegen om geschikte medewerkers te vinden. Bovendien spreken klinkende namen van grote Japanse ondernemingen niet meer tot de verbeelding van de jongeren. Het Japanse kaderlid heeft mythische proporties gekregen: hij is gehoorzaam, een noeste werker, met hart en ziel aan zijn bedrijf gewijd. Het soort werknemer die om het even welke bedrijfsleider doet wegdromen. Behalve dat de huidige Japanse crisis de limieten van dit type werknemer pijnlijk blootlegt: het zijn vaak jaknikkers die daardoor te weinig toegevoegde waarde hebben. Japan mag nog altijd hoge ogen gooien als het op industriële productiviteit aankomt, het gebrek aan productiviteit van zijn kaderleden doet Japan verzeilen in de lagere regionen van de OESO.

Om die lacunes te verhelpen, richten sommige ondernemingen hun blik naar het Westen, met een focus op managementvaardigheden en multiculturalistische visie. ASICS, een van de toonaangevende ontwerpers en fabrikanten van sportschoenen en artikelen, is een van de eerste Japanse ondernemingen die het over een andere boeg gooit. “Elk jaar werven we drie verschillende profielen aan: specialisten in marketing & sales, onderzoekers en designers”, verklaart Toshiyuki Sano, director & managing executive officer van ASICS Corporation. “Maar vermits onze onderneming volop groeit, moeten we ook op zoek gaan naar de topmanagers van morgen.” Net als haar concurrenten verkent ASICS nieuwe afzetmarkten. Brazilië (en bij uitbreiding de andere BRIC-landen) en Centraal- en Zuid-Amerika vormen het economische walhalla van de (nabije) toekomst. “Ons hoofdkwartier in Kobe staat permanent in contact met onze internationale divisies. Daarom is de kennis van het Engels een absolute must en wordt ze uitvoerig getest in de selectieprocedure”,  dixit Toshiyuki Sano. “Vroeger beperkte de concurrentie zich louter tot andere sportmerken. Momenteel leveren alle ondernemingen een verwoede strijd om dezelfde profielen in te lijven. De arbeidsmarkt is zeer krap. Boodschap is dus je te onderscheiden van de rest.”

Japanse toptalenten op stage naar buitenland

Hoewel ASICS’ rekruteerders Japanse studenten een arbeidscontract aanbieden ruim voor ze afstuderen, trekt de fabrikant ook voluit de kaart van de interne opleidingen. In april 2011 huldigde ASICS haar eigen Business Leader School in, om inhouse een nieuwe lichting internationale midden- en topkaders klaar te stomen. “Onze topmanagers worden stilaan een dagje ouder”, erkent Toshiyuki Sano. “Om toch competitief te blijven in een geglobaliseerde marktomgeving, moeten we innoveren. In Japan zijn er te weinig gespecialiseerde universitaire opleidingen. Daardoor hebben we geen andere keuze dan startende medewerkers intern op te leiden.” Het traineeprogramma omvat 1 jaar opleiding in Japan en 1 jaar werk in het buitenland. Een uitzondering, omdat Japanse ondernemingen hun medewerkers zelden langer dan 6 maanden naar het buitenland sturen. Ook voor het buitenlandse personeel geldt een gelijkaardige regeling. “Aan buitenlandse talenten die in dienst treden bij ASICS bieden we een 11 maanden lange opleiding in Japan aan”. Op dat vlak is ASICS een pionier in Japan: in Kobe werden twee buitenlanders – een Australiër en een Nederlander – aangeworven. “Onze roeping bestaat erin de medewerkers die bij ASICS hun sporen verdienden, te promoveren en niet zogenaamde hoogvliegers extern te rekruteren en in een topfunctie te droppen”, beklemtoont Toshiyuki Sano. Voor Japanse medewerkers blijven het groepsgevoel en de promotie met anciënniteit cultureel verankerd.

Tekst: Rafal Naczyk

Terug naar het coververhaal 'Japan, een keizerrijk in verval'