Vakantie / Jeugdvakantie voor schoolverlaters
De periode in het vakantiedienstjaar waarin je niet gewerkt hebt, geeft recht op jeugdvakantiedagen, in totaal 4 weken, vergoed door de RVA met jeugdvakantie-uitkeringen. Deze regeling geldt zowel voor arbeiders als voor bedienden.
Op deze pagina:
Voorwaarden
De voorwaarden om recht te hebben op jeugdvakantiedagen en -uitkeringen zijn:
- nog geen 25 jaar oud zijn op 31 december van het vakantiedienstjaar.
- in de loop van het vakantiedienstjaar zijn studies, leertijd of opleiding beëindigd hebben.
- na deze beëindiging ten minste 1 maand als loontrekkende arbeid verricht hebben in de loop van het vakantiedienstjaar. Tijdens deze maand moet je minstens 13 arbeidsdagen of gelijkgestelde dagen kunnen aantonen in de zin van de werkloosheidsreglementering. Deze 13 dagen komen overeen met 70 uren.
Let op!
De jeugdvakantiedagen kan je pas opnemen als je gewone vakantiedagen ten laste van de werkgever of vakantiekas opgenomen zijn.
Voorbeeld
Een jongere is op 1 oktober 2006 in dienst getreden bij de werkgever. In 2007 kan die 5 vakantiedagen (3/12 van 20) opnemen, door de werkgever bezoldigd.
Daarnaast heeft de jongere recht op 15 jeugdvakantiedagen in het 5 dagenstelsel (20 vakantiedagen - 5 gewone vakantiedagen = 15 jeugdvakantiedagen).
Jeugdvakantie-uitkering
De jeugdvakantie-uitkering bedraagt 65% van je gemiddelde dagloon tijdens de eerste maand waarin de jeugdvakantie wordt opgenomen.
Het gemiddelde dagloon wordt berekend op een begrensd brutomaandloon van: 1.778,73 euro per maand of 68,4127 euro per dag (sinds 1 oktober 2006)
De uitkering bedraagt minimum 25,78 euro per dag en maximum 44,91 euro per dag. Je ontvangt geen dubbel vakantiegeld.
De RVA werkt op basis van het aantal jeugdvakantie-uren die worden omgerekend via de formule (jeugdvakantie-uren x 6) : de normale wekelijkse arbeidsduur. Op de uitkering wordt een fiscale voorheffing ingehouden van 10,09% .
Aanvragen
De jeugdvakantie-uitkering kan je aanvragen via het formulier C 103 jeugdvakantie, dat gedeeltelijk door jou en gedeeltelijk door de werkgever wordt ingevuld.
Het formulier vermeldt per maand de genomen jeugdvakantiedagen en dat moet je indienen na verloop van elke vakantieperiode. Je geeft het af bij een uitbetalingsinstelling opgericht door een vakbond of bij de Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen.
Voorbeeld
De jongere die recht heeft op één week betaalde vakantie, kan in totaal drie weken jeugdvakantie bekomen. Hij neemt in januari één week betaalde vakantie. Hij neemt vervolgens zijn jeugdvakantie in januari (één week), in april (2 dagen), in juli-augustus (2 weken) en in december (het saldo).
De jongere zal driemaal formulieren indienen:
- in april (voor de vakantie van januari en april); dit eerste aanvraagformulier wordt in dubbel ingediend
- in augustus (voor de vakantie van juli en augustus)
- in december (voor de vakantie van december).
De jeugdvakantie-uitkering wordt dan in driemaal uitbetaald. De aanvraag moet ingediend worden ten vroegste 1 april van het vakantiejaar en uiterlijk op het einde van de 2de maand volgend op het vakantiejaar.


