Startbanen / Formaliteiten
- Algemeen
- De startbaankaart
- Specifieke verplichtingen m.b.t. een startbaanovereenkomst type 2
- Uitzondering: jongeren onder de 19 jaar
Algemeen
Opdat een jongere beschouwd zou worden als tewerkgesteld in het kader van een startbaanovereenkomst, is vereist:
- dat hij werd aangeworven op basis van een geldige startbaankaart, afgeleverd door de RVA
- én dat de jongere met de specifieke code voorzien voor jongeren met een startbaanovereenkomst, wordt aangeduid op de multifunctionele RSZ-aangifte
De startbaankaart
De startbaankaart attesteert dat de jongere aan de voorwaarden voldoet om met een startbaanovereenkomst te worden aangeworven. In dat geval bekrachtigt de startbaankaart ook:
- dat de jongere laaggeschoold is (en bijgevolg het recht opent op de doelgroepvermindering jonge werknemers);
- dat de jongere erg laag geschoold is (en bijgevolg het recht opent op de versterkte doelgroepvermindering jonge werknemers);
- dat de jongere van buitenlandse afkomst is (en bijgevolg dubbel in aanmerking mag worden genomen voor het vervullen van de startbaanverplichting);
- dat de jongere mindervalide is (en bijgevolg dubbel in aanmerking mag worden genomen voor het vervullen van de startbaanverplichting).
De startbaankaart kan hetzij door de jongere zelf, hetzij door de werkgever worden aangevraagd bij het werkloosheidsbureau van de RVA dat bevoegd is voor de hoofdverblijfplaats van de jongere. Indien de startbaankaart na de indienstneming door de werkgever wordt aangevraagd, moet de aanvraag uiterlijk binnen de 30 dagen volgend op de dag van indienstneming worden gedaan.
De startbaankaart heeft een geldigheidsduur van ten hoogste 12 maanden. De geldigheidsduur eindigt in elk geval uiterlijk op de vooravond van de dag waarop de jongere 26 jaar wordt.
Bij de aanvraag van de startbaankaart moeten de volgende stukken worden overhandigd aan het werkloosheidsbureau:
- het bewijs dat de jongere ingeschreven is als werkzoekende bij de bevoegde gewestelijke dienst voor arbeidsbemiddeling;
- de diploma's of attesten waarover hij/zij beschikt;
- in voorkomend geval het bewijs dat hij/zij een jongere van buitenlandse afkomst is;
- in voorkomend geval het attest waaruit blijkt dat hij/zij een jongere met een handicap is.
De aanvraag wordt onontvankelijk verklaard indien zij gebeurt op een ogenblik waarop de jongere nog studies met een volledig leerplan volgt in het kader van het dagonderwijs.
Specifieke verplichtingen m.b.t. een startbaanovereenkomst type 2
Voor een startbaanovereenkomst type 2 (en alleen voor type 2!) moeten, naast de bepalingen van de arbeidsovereenkomst, een aantal specifieke bepalingen betreffende de opleiding schriftelijk worden vastgelegd.
Verder moet voor een startbaanovereenkomst type 2 een aantal specifieke formaliteiten worden nageleefd, die voor de andere types startbaanovereenkomst niet gelden.
Uitzondering: jongeren onder de 19 jaar
Indien een jongere met een startbaanovereenkomst in dienst wordt genomen vóór 1 januari van het jaar waarin hij 19 jaar wordt, hoeft bij de indiensttreding geen startbaankaart te worden aangevraagd. Blijft dezelfde jongere echter in dienst in het jaar van de 19de verjaardag, dan moet de werkgever (de jongere zelf kan dit niet!) uiterlijk op 31 januari van dat jaar een startbaankaart aanvragen. Doet de werkgever dat niet, dan verliest de overeenkomst het karakter van startbaanovereenkomst en wordt zij pas opnieuw als startbaanovereenkomst beschouwd vanaf de eerste dag van het kwartaal dat volgt op het kwartaal van de (laattijdige) aanvraag.










