Feestdagen / Vervangingsdagen
Principe
Als een feestdag samenvalt met een zondag of met een andere gewone inactiviteitsdag van de onderneming (meestal een zaterdag), moet die feestdag vervangen worden door een dag waarop er normaal wel gewerkt wordt en dat binnen hetzelfde kalenderjaar.
Zo blijft je recht op 10 feestdagen gewaarborgd. De vervangende feestdag of vervangingsdag neemt dan het karakter van de oorspronkelijke feestdag over.
Voorbeeld
In een onderneming wordt er normaal 5 dagen per week gewerkt, van maandag tot vrijdag. De feestdag van 1 november 2008, een zaterdag, moet dus vervangen worden.
Procedure om een vervangingsdag vast te stellen
Over de vaststelling van de vervangingsdag kan beslist worden op verschillende niveaus. Wordt er op een bepaald niveau geen vervangende dag vastgesteld, dan kan de beslissing door het volgende niveau worden genomen.
De opeenvolgende mogelijkheden zijn:
- beslissing van het paritair comité, algemeen verbindend verklaard bij KB;
- beslissing van de ondernemingsraad;
- akkoord tussen werkgever en syndicale afvaardiging;
- akkoord tussen werkgever en de groep van werknemers;
- individueel akkoord tussen werkgever en werknemer.
Opmerking
Wat als er geen vervangende feestdag werd vastgesteld? Indien de vervangingsdagen niet werden vastgesteld op een van deze niveaus, verschuift de feestdag naar de eerstvolgende gewone activiteitsdag in de onderneming.
Wanneer moeten de vervangingsdagen bekendgemaakt worden aan de werknemers?
Indien de vervangingsdagen voor een bepaald jaar uitdrukkelijk worden vastgesteld, moeten zij vóór 15 december van het vorige jaar worden bekendgemaakt aan de werknemers. Deze bekendmaking gebeurt door de aanplakking van een bericht op een voor het personeel zichtbare plaats. Een kopie van dit bericht moet aan het arbeidsreglement worden gehecht.
Afwijking in geval van meerdere voltijdse regimes in de onderneming
Binnen een onderneming kunnen er verschillende arbeidsregimes bestaan voor voltijds werkenden. Activiteitsdagen en inactiviteitsdagen kunnen dan ook verschillen van afdeling tot afdeling, of zelfs van werknemer tot werknemer.
Voorbeeld
In een onderneming zijn er twee arbeidsregimes voor voltijds werkenden.
In het arbeidsregime van afdeling 1 wordt er gewerkt van maandag tot vrijdag; volgens het arbeidsregime van afdeling 2 wordt er gewerkt van dinsdag tot zaterdag.
Voor afdeling 1 valt Paasmaandag op een activiteitsdag. Voor afdeling 2 is het net het omgekeerde. Paasmaandag moet dus vervangen worden voor afdeling 2.










