De leeftijdsgroep die het meest geplaagd wordt door piekeren en dit over alle mogelijke onderwerpen, is de groep
tussen 25 en 34 jaar. Anderzijds zien we ook dat met toenemende leeftijd, men zich meer zorgen maakt over de toekomst en werkzekerheid. Piekeren over het werk is iets dat
begint op te treden na verloop van tijd. Medewerkers met minder dan 1 jaar anciënniteit piekeren duidelijk minder dan de anderen.
Vrouwen piekeren vaker en gaan ook meer gebukt onder hun piekergedrag dan mannen. Onderwerpen waar vrouwen meer over piekeren dan mannen zijn een gebrek aan variatie in hun job, de combinatie werk-privé, of ze wel voldoende capaciteiten in huis hebben en de werkrelatie met zowel collegas als leidinggevenden. Mannen leven vaker dan vrouwen in de veronderstelling dat piekeren hen helpt om hun problemen op te lossen. Zij piekeren vaker over hun financiële situatie, over mogelijke veranderingen in hun werk en over de negatieve gevolgen die hun job zou kunnen hebben op hun gezondheid.
Franstaligen piekeren meer en geven vaker aan er last van te ondervinden. Ze piekeren duidelijk meer over hun financiële situatie, over het behoud van hun job en over mogelijke veranderingen in de inhoud van hun werk. Vlamingen daarentegen liggen vaker wakker over een gebrek aan autonomie op het werk, over de combinatie tussen hun werk en hun privéleven en over hun capaciteiten.
De sectoren waar het meest gepiekerd wordt zijn de
onderwijs,
gezondheids- en welzijnssector (werkdruk en sociale relaties), de
landbouw (jobonzekerheid) en
groot- en kleinhandel, horeca en transport (financiën en werkdruk).
Startpagina 'stress en werkgerelateerd piekeren'