Vacature.com

Spring naar content

Mijn/Vacature Login

registreer nu | paswoord vergeten

Roken op het werk

Is er nog een uitweg voor rokende werknemers?

De rokende werknemer kan nog steeds buiten (in open lucht) een sigaretje opsteken. En werknemers actief in bijvoorbeeld de bouw-, landbouw- of tuinbouwsector kunnen gerust nog roken voor hun buitenactiviteiten.

De werkgever mag ook een rookkamer inrichten. Dat is slechts een mogelijkheid: de werkgever is hiertoe niet verplicht en de werknemers hebben er geen recht op.

De rookkamer dient enkel om te roken en mag niet voor andere doeleinden gebruikt worden. Het mag dus zeker geen werkruimte of sociale voorziening zijn. De werkgever zit dus bijvoorbeeld fout indien hij een gedeelte van de refter aan rokers voorbehoudt, zelfs indien hij deze ruimte voldoende afschermt van het gedeelte van niet-rokers.

De rookkamer moet afdoende verlucht worden en kan pas geïnstalleerd worden nadat het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (C.P.B.W.) hierover advies heeft uitgebracht. Indien er geen comité is, wordt het advies van de syndicale afvaardiging gevraagd. Is die er ook niet, dan worden de werknemers zelf geraadpleegd (via de procedure met aanplakking van een bericht en een register waarin de werknemers hun opmerkingen kunnen noteren).

Het advies van de overlegorganen moet ook gevraagd worden voor de toegang tot het rooklokaal tijdens de werkuren. Er moet dus overlegd worden over de toegangsuren van het rooklokaal en over de eventuele pauzes die aan de rokers worden toegekend.

Deze regels mogen de niet-rokers niet discrimineren. Indien aan de rokers een rookpauze wordt toegekend, moet een evenwaardig voordeel aan de niet-rokers worden toegekend.

Ten slotte zijn de pauzes een verplichte vermelding in het arbeidsreglement. Niet alleen het advies van het comité (C.P.B.W.) is dan vereist, maar ook het akkoord van de ondernemingsraad.

Geldt het rookverbod voor alle sectoren?

Er wordt een uitzondering gemaakt voor de horecasector. Personeel van deze sector heeft (nog) geen recht op een volledig rookvrije werkruimte. Er mag nog gedeeltelijk gerookt worden in horecaplaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn, bijvoorbeeld in cafés en restaurants. Cafés mogen nog in een rokerszone voorzien en restaurants mogen nog voor hun klanten een rookkamer installeren waarin enkel dranken gediend worden.

Ook hotelkamers zijn nog niet rookvrij omdat zij als privé-ruimten worden beschouwd. Op andere plaatsen zoals keukens, opslagplaatsen, wasserijen en burelen geldt het rookverbod wel.

Er wordt ook een uitzondering gemaakt voor de private kamers van verzorgingsinstellingen, psychiatrische ziekenhuizen, rusthuizen, service flats, instellingen voor jeugdzorg en gevangenissen. Op die plaatsen mogen bewoners en niet-bewoners wel roken onder bepaalde voorwaarden die door deze instellingen zijn vastgelegd.

Het rookverbod geldt ten slotte ook niet voor privé-woningen, behalve voor de ruimten die exclusief bestemd zijn voor professioneel gebruik en waar werknemers worden tewerkgesteld, zoals bijvoorbeeld een naaiatelier, een timmermanswerkplaats, een notariskantoor of een verzorgingskabinet met personeel. De thuiswerker die in zijn eigen huis werkt, heeft vanzelfsprekend dus geen rookverbod in zijn eigen woning.