Roken op het werk
Op wie is het rookverbod van toepassing?
Het rookverbod kan aan alle werknemers, studenten, leerlingen en stagiairs die voor een bedrijf werken opgelegd worden. De leidinggevenden, managers en werkgevers zelf vallen uiteraard ook onder dit verbod, zelfs als zij over een aparte gesloten kantoorruimte beschikken. Op dat vlak is iedereen gelijk voor de wet.
De werkgever moet er ook voor zorgen dat klanten, leveranciers en bezoekers die zich in de onderneming bevinden over dat rookverbod geïnformeerd worden. Informatie kan worden gegeven aan de hand van pictogrammen, affiches, brochures, informatie bij het onthaal, enzovoort.
Waar mag niet gerookt worden en waar wel?
Er mag niet gerookt worden op de arbeidsplaats en in de sociale voorzieningen (refter, toiletten, lokalen voor rust of eerste hulp).
De arbeidsplaats is in eerste instantie de plaats waar de werknemer zijn arbeid verricht. Deze plaats kan zich zowel binnen als buiten de onderneming bevinden en kan evenzeer in een gesloten dan wel open ruimte gelegen zijn.
Het woord arbeidsplaats is dus zeer ruim gedefinieerd. Ook de gangen, liften, receptie, trappen, verbindingsruimten, gesloten parkeergarages tot zelfs vrachtwagencabines, bestelwagens en dienstwagens worden daartoe gerekend.
Ook in voertuigen die gebruikt worden voor het gemeenschappelijk vervoer van het personeel naar het werk mag er niet gerookt worden.
Het feit dat je als werknemer over een individuele werkruimte (gesloten bureau) beschikt, doet niets terzake. Je mag geen sigaret opsteken, zelfs niet wanneer er naast jou niemand in jouw bureau aanwezig is.










