Vacature.com

Spring naar content

Mijn/Vacature Login

registreer nu | paswoord vergeten

Kan ik rekenen op een tussenkomst in de kosten van kinderopvang?

10 juni 2005
 

"Kan ik rekenen op een tussenkomst in de kosten van kinderopvang?"

 

ANTWOORD

 
Inleiding
 
Een werknemer met kinderen ondervindt dagelijks aan de lijve dat kinderopvang die degelijk is en zich bij de deur bevindt, goud waard is. Het besef hiervan groeit bij de werkgevers. Binnen het kader van de huidige fiscale en sociale reglementering kunnen ze hun werknemers hierbij helpen op twee manieren. Enerzijds kan een onderneming zelf de kinderopvang organiseren en onder bepaalde voorwaarden de kosten hiervan aftrekken. Anderzijds kan een werkgever tussenkomen in de kosten van kinderopvang voor de werknemer, en dit vrij van sociale zekerheidsbijdragen.

In het verleden lag de nadruk inzake remuneratiebeleid doorgaans op allerhande verloningsvormen in geld. Door de hoge belastingdruk op arbeidsinkomsten worden medewerkers echter hierdoor minder en minder gemotiveerd. Bijgevolg vormen de voordelen in natura naast het bestaande cash salarispakket een belangrijke factor voor het aantrekken van nieuwe werknemers en het motiveren van de bestaande medewerkers.

Naast de klassieke voordelen zoals maaltijdcheques, bedrijfswagens, groepsverzekering en hospitalisatieverzekering wordt bovendien meer en meer gebruik gemaakt van new-age voordelen.

Eén van deze voordelen kan kinderopvang zijn. Vele werknemers met kinderen ervaren dagdagelijks aan de lijve wat degelijke kinderopvang waard is.

De werkgevers gebruiken momenteel twee systemen om tegemoet te komen aan de problemen waarmee hun medewerkers worden geconfronteerd voor de opvang van hun kinderen tijdens de arbeidstijd.

 

Tussenkomst in de kosten van kinderopvang

 

Enerzijds kunnen de werkgevers tussenkomen in de kosten van kinderopvang buiten de onderneming. Op basis van de huidige fiscale wetgeving is deze tussenkomst in hoofde van de werknemer belastbaar als een voordeel van alle aard.

Een oplossing om het probleem van belastbaarheid ten dele te bekampen is de tussenkomst van de werkgever te beschouwen als een aanvulling op een uitkering inzake sociale zekerheid (kindergeld). Voordelen die de werkgever rechtstreeks of onrechtstreeks betaalt en die moeten beschouwd worden als aanvulling op een sociale zekerheidsvoordeel, maken in principe geen bijdrageplichtig loon uit. Een dergelijk sociale zekerheidsvoordeel is onder meer de kinderbijslag. Voordelen die een werkgever aan zijn werknemers toekent in aanvulling op de kinderbijslag zijn derhalve geen loon voor de toepassing van de sociale zekerheid (wel fiscaal belastbaar loon).

De RSZ aanvaardt ook de terugbetaling door de werkgever van kosten van kinderopvang als een aanvulling bij een sociale zekerheidsuitkering. Dit betekent dat noch de werknemer, noch de werkgever RSZ-bijdragen verschuldigd zijn op het voordeel dat de werknemer geniet uit hoofde van door de werkgever bekostigde kinderopvang.

Nuance: de Programmawet van eind 2004 heeft bepaald dat vergoedingen die rechtstreeks of onrechtstreeks door de werkgever worden betaald als aanvulling bij alle of sommige uitkeringen van sociale zekerheid als loon kunnen worden beschouwd. Er wordt hier echter op de eerste plaats gedacht aan de bijpassingen van de werkgever bij werkloosheidsuitkeringen of onderbrekingsuitkeringen. Het is niet duidelijk of deze wetswijziging ook betrekking zal hebben op aanvullingen op uitkeringen voor kinderbijslag. Bovendien is de wet op dit vlak nog niet uitgevoerd bij Koninklijk Besluit.

 
Inrichting van een kinderopvang
 

Anderzijds kan de werkgever zelf een bedrijfscrèche inrichten om de opvang van de kinderen van haar werknemers te waarborgen. Voor de oprichting van dergelijke bedrijfscrèche dient de onderneming de Vlaamse reglementering voor 'particuliere opvanginstellingen' te volgen.

Indien de bedrijfscrèche onder de regelgeving van ‘particuliere opvanginstelling’ valt en er sprake is van opvang op bestendige wijze dan is er een meldingsplicht aan Kind & Gezin. Deze meldingsplicht is de minimumvereiste. Daarnaast kan een attest van toezicht gevraagd worden bij Kind & Gezin teneinde aan te tonen dat de particuliere opvanginstelling beantwoordt aan een aantal minimale voorwaarden inzake kwaliteit (veiligheid, voldoende begeleiding en toezicht door personen met voldoende kwaliteiten inzake gezag, leiding en pedagogisch inzicht,…). Dergelijk attest biedt het voordeel dat de opvanginstelling het recht heeft fiscale attesten uit te reiken m.h.o. op de fiscale aftrekbaarheid van de eventuele betalingen van de werknemers.

Het gratis of het tegen abnormaal lage prijs ter beschikking stellen van een bedrijfscrèche wordt beschouwd als een sociaal voordeel.

Sociale voordelen worden in hoofde van de werknemer niet belast.

Beroepskost of niet?

In hoofde van de werkgever zijn de kosten verbonden aan het toekennen van het voordeel in principe niet aftrekbaar als beroepskost (dit omwille van de kwalificatie als ‘sociaal voordeel’). Ondernemingen kunnen de bedragen die zij voor een collectieve voorziening voor kinderopvang storten, toch aftrekken als beroepskost indien voldaan is aan de volgende voorwaarden:

  • de financiering dient ten gunste te zijn de opvangstructuren die erkend, gesubsidieerd of onder toezicht staan van Kind en Gezin, L’office de la Naissance et de l’Enfance of de Executieve van de Duitstalige Gemeenschap;
  • de sommen dienen rechtstreeks aan de opvangvoorziening of via de in de eerste voorwaarde vermelde bevoegde instelling te worden gestort, overeenkomstig de toepasselijke reglementering van de betreffende gemeenschap;
  • enkel aftrekbaar als beroepskost zijn de kosten die gemaakt worden voor het dekken van de werkingskosten en uitgaven voor infrastructuur en uitrusting voor het creëren of behouden van opvangplaatsen voor kinderen van minder dan drie jaar. Inzonderheid gaat het onder meer over de volgende kosten: meubelen, boeken, speelgoed,… die ten gunste van opvangplaatsen voor kinderen van minder dan drie jaar worden gedaan;
  • de sommen mogen niet worden gebruikt voor de betaling van de normale tussenkomst van de ouders voor de oppas van hun kinderen;
  • de aftrek wordt beperkt tot maximaal € 6.530 per jaar per opvangplaats (voor aanslagjaar 2006);
  • de bevoegde instelling dient jaarlijks een attest af te leveren per opvangvoorziening aan de belastingplichtige die de sommen heeft gestort. In dit document dient zij te verklaren dat aan alle voorwaarden voldaan is om van de aftrekbaarheid te kunnen genieten en dient zij het bedrag op te nemen dat gebruikt is voor het creëren of behouden van de in het derde punt vermelde opvangplaatsen en het aantal desbetreffende opvangplaatsen.

Indien de werknemer voor het gebruik van de bedrijfscrèche een prijs moet betalen, is deze kost voor hem eventueel aftrekbaar indien de bedrijfscrèche een attest van toezicht heeft bekomen en aldus fiscale attesten kan uitreiken. De werkgever recupereert aldus een deel van de door hem betaalde kosten via terugbetaling door de werknemer. De aftrekbaarheid in hoofde van de werknemer blijft echter beperkt tot het werkelijk betaalde bedrag met een maximum van € 11,20 per oppasdag en per kind.

Ook de inrichting van kinderopvang door een werkgever wordt door de RSZ als een aanvulling bij een uitkering aanvaard en is bijgevolg vrij van sociale zekerheidsbijdragen.

i.s.m. SD WORX

De inhoud van deze tekst heeft een louter informatief karakter.
De lezer kan geen rechten ontlenen aan deze tekst.
Voorgaande vragen worden bewaard in het archief van de Vraag van de Week.