Ancienniteitsbeloning
Wie geniet van loonsverhogingen op basis van anciënniteit?

Uit deze figuur blijkt de paradoxale houding die in ons land wordt aangenomen tegenover de anciënniteitsverhogingen.
Enerzijds zien we dat nog steeds een betekenisvol gedeelte van de werknemers genieten van een regelmatige loonsverhoging op basis van anciënniteit. Voor de overheid & non-profit is dit 87,8%, voor de dienstensectoren 59,9% en voor de industrie 52,2%.In de profit wordt de verhoging jaarlijks toegekend in meer dan 3/4 van de gevallen. Overheid & non-profit kennen vooral het systeem van biënnales (verhogingen om de twee jaar : 66%).
Maar de kleurschakering geeft ook aan dat het populaire systeem van anciënniteitsverhogingen uitgehold wordt door het te koppelen aan een prestatiebeoordeling. Vooral in de industrie wordt de anciënniteitsverhoging steeds minder automatisch toegekend : liefst 47% van diegenen die een anciënniteitsverhoging krijgen, kennen een systeem waarbij de anciënniteitsopbouw versneld of vertraagd kan worden op basis van prestatiebeoordelingen. In de dienstensector is dit 41%, terwijl het bij de overheid & non-profit nog beperkt wordt toegepast (20%).










