Snellezen / Hoe heb jij leren lezen?
We hebben allemaal leren lezen in de lagere school. De meesten onder ons leerden door een combinatie van de fonetische en de zie-en-zeg-methode.
- De fonetische methode vertrekt van het aanleren van de letters van het alfabet met de bijbehorende klanken. Vervolgens worden die letters met hun klanken gebundeld in woorden. Wie herinnert zich niet de juffrouw of meester die korte woordjes als 'kip' uiteentrok tot de samenstelling van de klanken 'kuh'- 'i' -'puh'?
Wanneer het kind geleerd heeft om de juiste klanken bij de juiste letters en, later, woorden te plaatsen, moet het leren om geluidloos te lezen. In het begin gaat dit heel moeizaam: kinderen (en vaak zelfs volwassenen) blijven hardop prevelen wat ze lezen. Dit prevelen, dit laten weerklinken van wat je leest wordt subvocalisatie genoemd. - De zie-en-zeg methode maakt gebruik van afbeelding die hoort bij een geschreven woord. Ook hier wordt er eerst hardop geleerd waarna de leerkracht aanmaant om geluidloos te leren lezen.
- Wanneer het kind woorden herkent en geluidloos kan lezen, gaan we ervan uit dat het kan lezen. Vanaf dat moment krijgt het nog maar heel weinig extra instructies om zijn/haar leesvaardigheid te verbeteren.
- Eigenlijk ligt hier een grote misvatting want het leesniveau uit de lagere school is eigenlijk slechts een vertrekbasis voor de echte kunst van het lezen.
- Je kan het vergelijken met een baby die je leert kruipen maar die je - eens hij kan kruipen - aan zijn lot overlaat vanuit de veronderstelling dat hij het proces van voortbeweging onder de knie heeft. Bij lezen is het net zo: we zijn aan ons lot overgelaten in de kruipende fase en niemand heeft ons geleerd hoe we moeten stappen, laat staan rennen.










